In Vlaanderen en Picardië ontstonden in de late elfde en eerste decennia van de twaalfde eeuw een aantal uitzonderlijke teksten: twee versies van het leven van de heilige Arnulfus, bisschop van Soissons en stichter van het Vlaamse klooster Oudenburg, en de autobiografi e van Guibert van Nogent in Picardië. Lisiard van Crépy schreef de eerste versie van het heiligenleven waarvan Hariulf van Saint Riquier een bewerking maakte. Lisiard had Arnulfus persoonlijk gekend en wist samen met Hariulf diens heiligverklaring te bewerkstelligen. Ook met Guibert van Nogent onderhield Lisiard contacten. Deze vier mannen waren rond het midden van de elfde eeuw geboren in machtige adellijke families.